Ga naar de hoofd inhoud
MENU

Schoorsteen Vochtig? Impregneren Helpt

vochtige schoorsteen

Ondanks opnieuw voegen bleef mijn schoorsteen zorgen voor vochtige muren. Zo waren op de binnenmuur van een zolderkamer verschillende vochtplekken duidelijk zichtbaar.

Nu wist ik dat niet de hele schoorsteen opnieuw was gevoegd, maar enkel die voegen die duidelijk zichtbaar kapot waren geweest.

De overige, niet-herstelde voegen waren zeker 10 jaar oud. Dergelijke, wat oudere voegen kunnen vaak herkend worden aan hun wat broze uiterlijk. Vaak zijn dan kleine gaatjes (pinholes) en inkepingen in de voeg zichtbaar. Zo’n wat oudere voeg is soms zelfs ronduit zanderig te noemen.

Naast gedateerd, waren sommige niet-herstelde voegen ook donkerder van kleur dan andere voegen (zie de foto geheel bovenaan).

Bij deze donker gekleurde voegen had regenwater kans gekregen (deels) in de voeg te trekken. Dit kan gebeuren als een voeg herhaaldelijk vochtig wordt en niet goed kan opdrogen. Een pertinent vochtige voeg door vochtdoorslag is dan het resultaat.

Een combinatie van wat oudere en tegelijkertijd vochtige voegen staat bijna garant voor lekkages en vochtproblemen bij een schoorsteen.

Nu kunnen enigszins oude en vochtige voegen opnieuw gevoegd worden, maar ook nieuwe voegen kunnen (op den duur) vatbaar worden voor vochtdoorslag vanwege herhaaldelijke blootstelling aan regen. En de regenbuien van tegenwoordig zijn niet meer de regenbuien van vroeger (hierover later meer).

Dit bracht mij op de vraag: Hoe kan een vochtige schoorsteen verholpen worden? Om er voor te zorgen dat een schoorsteen niet meer vochtig wordt, en dus vocht doorlaat, is het verstandig de schoorsteen te impregneren.

Wat is impregneren? Impregneren is het aanbrengen van een middel op de schoorsteen, dus zowel op de voegen als op de (bak)stenen, welke voorkomt dat vocht in de schoorsteen kan trekken. Als vocht niet meer in de schoorsteen kan trekken zullen vochtproblemen binnenshuis ook niet meer voorkomen.

Vaak zorgt het impregneren van een schoorsteen ervoor dat vocht niet meer in de schoorsteen kan trekken maar reeds aanwezig vocht in de schoorsteen wel naar buiten kan treden.

Een schoorsteen kan je laten impregneren door een bedrijf, de kosten hiervan liggen al snel rond de 500 euro. Impregneren kan je ook zelf doen voor een aanzienlijk lager bedrag: namelijk voor de kosten van het impregneermiddel zelf en het aanbrengmateriaal (zoals platte kwast of eventueel een lagedrukspuit).

Omdat een schoorsteen zich vaak op een hoge plek bevindt, en valpartijen uiteraard voorkomen moeten worden, is het wel zaak een schoorsteen zo veilig mogelijk te impregneren (hierover later meer).

Zelf een schoorsteen impregneren kan prima! Maar het is wel verstandig te weten hoe je correct moet impregneren en daarnaast meer te begrijpen over de achtergronden van het steeds populairder wordende impregneren van een schoorsteen. Dit artikel gaat in op beide aspecten.

Wanneer is impregneren van een schoorsteen zinvol?

Impregneren is enkel zinvol als:

Een schoorsteen impregneren terwijl voegen kapot zijn heeft geen zin omdat het impregneermiddel niet zal voorkomen dat regenwater regelrecht de kieren van de kapotte voegen zal inlopen. Vervolgens zal dit regenwater, vroeg of laat, zorgen voor vochtplekken en lekkages binnenshuis.

Ook een schoorsteen impregneren terwijl de schoorsteenplaat regenwater doorlaat zal zinloos zijn. Dit binnendringende vocht zal van binnenuit de schoorsteen aantasten. Wordt in dit geval een schoorsteen geïmpregneerd, laat staan met een middel dat niet dampregulerend is, dan blijft het vocht zelfs opgesloten in een schoorsteen en zal het de kans hebben nog dieper door te dringen in muren binnenshuis.

Dampregulerend? Met dampregulerend wordt bedoeld dat vocht van binnen naar buiten kan treden, maar niet van buiten naar binnen. Dit principe wordt ook toegepast bij moderne tentdoeken: regenwater dringt daar niet doorheen, maar waterdamp afkomstig van het menselijk lichaam (adem, transpiratie) kan wel via het doek naar buiten treden.

Voordat een schoorsteen geïmpregneerd gaat worden moeten dus zowel het voegwerk als de schoorsteenplaat in redelijke staat verkeren.

Let op dat het impregneren van echt oude voegen, dat zijn voegen zo rond de 40 jaar oud, ook geen zin heeft. Het is beter dergelijke oude voegen uit te beitelen en opnieuw in te zetten en daarna te impregneren.

Waarom vochtdoorslag bij een schoorsteen

Vochtige voegen hebben zoals gezegd een donkerder kleur dan gewone voegen. Deze donkere kleur duidt op een ophoping van vocht in de voeg. Vaak voelt zo’n voeg ook wat koeler aan door het vocht dat zich in de voeg bevindt.

Vochtige voegen, en de daaruit volgende vochtdoorslag, komen steeds vaker voor. Dit komt omdat er meer regen valt - en bovendien de intensiteit van deze regen steeds verder toeneemt.

Met deze intensiteit wordt bedoeld dat het heftiger regent dan voorheen. Als je wel eens in een tropisch land bent geweest en daar een tropische bui hebt meegemaakt, dan weet je wat een intense regenbui is: er valt dan gewoon heel veel regen in relatief korte duur.

Deze toegenomen natheid heeft te maken met klimaatverandering. Het wordt namelijk steeds warmer en daardoor verdampt meer water. Verdampt water zorgt voor wolken waaruit neerslag kan vallen, en omdat de lucht warmer is, en dus meer waterdamp kan bevatten, regent het intenser.

Intensere regen zorgt voor meer waterdruk op een schoorsteen, hierdoor kan vocht dieper een schoorsteen binnendringen. Zo’n reeds vochtige schoorsteen kan vaak niet voldoende opdrogen voordat opnieuw een regenbui plaatsvindt.

Ik vermoed dat in de komende decennia vochtproblemen bij schoorstenen fors gaan toenemen vanwege klimaatverandering. Ook het impregneren van schoorstenen zal hiermee een vlucht nemen.

Maar als je hier goed naar kijkt is niet zozeer een natter Nederlands klimaat, maar de waterdoorlatendheid van zowel cement als baksteen het achterliggende probleem.

Vochtdoorslag schoorsteen: cement, zand en baksteen laten vocht door

Vaak bestaat een schoorsteen uit een schoorsteenplaat (al dan niet met verschillende soorten kanalen) met daaronder bakstenen, en tussen deze bakstenen bevindt zich voegmortel in de vorm van voegen.

Voegmortel bestaat uit cement en zand, vaak in een mengverhouding van 1 deel cement op 3 delen (voeg)zand. Nu zijn zowel cement als zand niet waterdicht. Zand zal nog meer vocht doorlaten dan cement, en aangezien voegmortel voor het grootste gedeelte uit zand bestaat mag duidelijk zijn dat voegen niet waterdicht zijn.

Baksteen, wat eigenlijk een soort kunstmatige steen is - gemaakt van bij hoge temperatuur gebakken klei - is eveneens niet waterdicht vanwege minuscule poriën die in de steen aanwezig zijn. Als je een baksteen in een emmer water legt zal je na loop van tijd ontdekken dat de steen water heeft opgenomen.

Vochtdoorslag bij een schoorsteen kan ook veroorzaakt worden door een niet-waterdichte schoorsteenplaat. Dit komt omdat een schoorsteenplaat ook vaak van cement (of een afgeleide daarvan, zoals beton) is gemaakt. Zoals gezegd is het belangrijk een waterdichte schoorsteenplaat te realiseren.

Zodra zich eenmaal vocht in een steen of voeg bevindt zal vuil zich sneller hechten aan dit materiaal. Algen en mossen zullen dan snel volgen. Ook door de wind gedragen kleine zanddeeltjes, en zaden van planten, zullen zich op een gegeven moment aan het vochtige oppervlak hechten. Zo kan het zelfs gebeuren dat er letterlijk planten op en aan een schoorsteen gaan groeien.

De doordringende wortels van planten zullen bakstenen en voegen nog meer verzwakken waardoor deze materialen nog meer vocht zullen opnemen. Een vicieuze cirkel van een steeds verder aftakelende & lekkende schoorsteen is het gevolg.

Hieruit mag duidelijk zijn dat een oplossing voor vochtdoorslag te vinden is in het waterdicht en vuilafstotend maken van bakstenen en voegen. Dit is precies waarvoor een impregneermiddel kan worden gebruikt.

Welk impregneermiddel voor een schoorsteen

Voor het impregneren van een schoorsteen kan een impregneermiddel voor een buitenmuur worden toegepast. Een impregneermiddel voor buitenmuren wordt ook vaak aangeduid als impregneermiddel voor gevels.

Soms zijn impregneermiddelen geschikt voor zowel binnen- als buitenmuren, maar een middel exclusief voor buitenmuren (en dus voor gebruik buitenshuis) werkt in mijn ervaring het beste voor toepassing op een schoorsteen.

Let op dat een impregneermiddel niet alleen vochtafstotend (hydrofoob) is, maar ook vuilafstotend: bij sommige goedkope middelen wordt enkel geschermd met de term ‘vochtafstotend’.

Ik heb zelf een transparant impregneermiddel toegepast. Je ziet niet dat een dergelijk ‘kleurloos’ middel is aangebracht, de steen- en voegkleur wordt nog geen graad donkerder.

Impregneermiddel voor buitenmuren is vaak beschikbaar in flessen of jerrycans vanaf 1 liter.

Hoeveel impregneermiddel je precies nodig hebt per vierkante meter verschilt per product. In het algemeen is het verbruik zo rond de halve liter per vierkante meter schoorsteen. Wordt echter veel van het impregneermiddel door de stenen en voegen opgenomen, dan kan het verbruik zo een liter tot anderhalve liter per vierkante meter worden.

Impregneermiddel is vaak enkele jaren houdbaar tot na de productiedatum. Eenmaal geopend is het zaak de fles of can goed (luchtdicht) af te sluiten. De werkzame duur van impregneermiddelen verschilt: 5 jaar is naar mijn mening minimaal vereist (veel middelen zijn wel 10 jaar werkzaam – dit is doorgaans ook de garantietermijn die je krijgt als je een schoorsteen laat impregneren).

In de praktijk bestaan er twee typen impregneermiddel voor gevels:

  • 1) op basis van water
  • 2) op basis van alkanen (al dan niet met siliconenhars)

Een watergedragen middel bevat vaak de stoffen silaan en siloxaan. Dit type impregneermiddel is het meest milieuvriendelijke type impregneermiddel. Vaak tast een dergelijk middel bitumen (gebruikt voor dakbedekking) niet aan. Geknoeid middel op bijvoorbeeld gereedschap of kozijnen kan doorgaans, en tot enkele uren na aanbrengen van het middel, worden verwijderd met water, zeep en een doek.

Een impregneermiddel op basis van alkanen heeft de naam wat agressiever te zijn. Dit middel is vaak uitermate geschikt om eerder geïmpregneerde muren opnieuw mee te impregneren. Deze middelen kunnen kunststoffen en bitumen wel aantasten. Gemorst product op daklood/loodslabben kan dit lood wat gelig doen uitslaan. Spatten en vlekken van dit soort impregneermiddel kunnen worden verwijderd met terpentine.

Hoe een schoorsteen impregneren

Het kwam al even ter sprake: zelf een schoorsteen impregneren is prima te doen maar doe dit wel veilig. Het probleem is namelijk dat een schoorsteen zich doorgaans op een hoge plek bevindt en er misschien geen stabiele werkplek beschikbaar is.

Om een werkplek te creëren zou je een hoge steiger kunnen huren. Voor onder de 150 euro kan een week lang een steiger worden gehuurd (samen met de kosten voor het impregneermiddel en aanbrengmiddelen komt dit totaalbedrag nog ruim onder het bedrag dat aan een bedrijf betaald zou moeten worden om een schoorsteen te impregneren).

Ook kan een ladder met nokhaak worden gebruikt, en in het meest eenvoudige scenario worden dakpannen verschoven zodat een werkplek beschikbaar komt door op de onderliggende panlatten te gaan staan. Misschien kan ook valbeveiliging in de vorm van touw en harnas worden gebruikt.

De werkwijze voor het correct impregneren van een schoorsteen is als volgt:

  • Het voorbereidende werk is het belangrijkst. Begin met het eventuele groffere herstelwerk van kapotte voegen herstellen (lees daarvoor mijn artikel Hoe Voegen Schoorsteen Herstellen?). Breng impregneermiddel niet aan op verse voegmortel, maar wacht minimaal 2 weken.
  • Ook gaten en scheuren in de schoorsteen dienen opgevuld te worden met specie.
  • Daarna moet de ondergrond waarop het impregneermiddel wordt toegepast zo schoon mogelijk worden gemaakt. Dit betekent dat eventuele vervuiling, algen, mossen of schimmels verwijderd moeten worden met een (staal)borstel en schoonmaakazijn (er is ook specifiek reinigingsmiddel te koop voor het verwijderen van groene aanslag).
  • Het beste is de ondergrond vervolgens zo droog mogelijk te laten worden. Impregneermiddel aanbrengen op een licht vochtige ondergrond kan, maar vaak moet de behandeling dan later opnieuw worden uitgevoerd voor een optimaal resultaat.
  • Als het een niet-regenachtige dag is, waarop het warmer is dan 5 graden Celsius, kan begonnen worden met het impregneren. Impregneer beter niet in felle zon of bij hevige wind (het middel kan dan verdampen, verkeerd drogen of verwaaien).
  • Dek eerst eventueel aangrenzende kunststoffen, bitumen en houtwerken af met bijvoorbeeld met ducttape vastgezette oude doeken. Let ook op dat eventueel onderliggend raamwerk of kozijnen worden afgedekt. Dit afdekken voorkomt schoonmaakwerkzaamheden aan deze materialen achteraf.
  • Breng daarna het impregneermiddel met een goede blokkwast of lagedrukspuit aan (uiteindelijk worden twee lagen aangebracht) op niet meer dan per keer 2 vierkante meter. Werk van boven naar beneden en breng het middel royaal aan, maar zonder dat er stralen van het impregneermiddel door zwaartekracht naar beneden lopen.
    Impregneermiddel schoorsteen aanbrengen met blokkwast
    Impregneermiddel schoorsteen aanbrengen met blokkwast
  • Zodra deze eerste laag op een zijde van de schoorsteen is aangebracht wordt op deze nog natte laag een tweede laag impregneermiddel aangebracht (dit heet ‘nat op nat’ aanbrengen).
  • Zodra je klaar bent: zo snel mogelijk impregneermiddel van gereedschappen en van andere oppervlakten dan die van de schoorsteen verwijderen.

Na het impregneren zal de muur nog even nat lijken maar al snel is het impregneermiddel ingetrokken en opgedroogd en is geen verschil meer zichtbaar met een onbehandelde muur.

Onthoud wanneer je hebt geïmpregneerd en kijk vervolgens op de verpakking van het middel hoelang bescherming wordt geboden. Zodra het weer tijd is om te impregneren, of dit nu na 5 of 10 jaar is, weet jij in elk geval wat je te doen staat. Ik wens je veel succes met jouw impregneerklus!

Recente artikelen

gaskookplaat-vrijstaand-welke-kiezen

Gaskookplaat Vrijstaand - Welke Kiezen?

Ik wilde een gaskookplaat die makkelijk overal te plaatsen was (desnoods op het aanrecht) en die niet al te veel ruimte zou innemen (zoals de traditionele fornuizen). Na lang wikken en wegen heb ik uiteindelijk een vrijstaande gaskookplaat gekocht die aan mijn verwachtingen voldeed. Dit keuzeproces voor een goede losse gaskookplaat wil ik in dit […]

LEES MEER